Zintuigen

 

 

Thema Wat zie ik? Wat hoor ik? Wat voel ik? Wat proef ik?  Wat ruik ik?   

 

Vanaf 25 maart begint ons thema: zintuigen. Tijdens dit thema gaan we regelmatig naar onze snoezelruimte in het speelkasteel, waar wij van alles kunnen horen, zien en voelen. 

 

Wat zie ik wel en wat zie ik niet? Puk verstopt zich en de peuters mogen de handen voor hun ogen doen en tot tien tellen. Wat is dat nog moeilijk om niet toch te kijken waar Puk zich verstopt. Om de beurt mogen een paar kinderen Puk zoeken.  

De kinderen ontdekken dat het zicht kan veranderen door iets voor je ogen te plaatsen of ergens doorheen te kijken. De kinderen trainen hun geheugen bij het verstopspel en hebben daar plezier in. 

 

Wat hoor ik? We maken samen muziek met ons zelfgekleurde trommeltje. We zoeken de blokjes welke hetzelfde geluidje maken en luisteren naar de geluiden welke de knuffeldieren maken. We maken een hoop lawaai met de muziekinstrumenten. Puk schrikt er van en doet gauw zijn handen voor zijn oren. Dat is veel te hard ! Kan het ook zachtjes? Wat doe je met de trommel, met de sambaballen, met de belletjes etc.? Kunnen we hard en zacht spelen? Snel en langzaam?  

 

Wat voel ik? We mogen met onze handen in de voeldozen voelen wat er in zit. Puk wil het eerst wel eens proberen. Hij gaat met zijn hand in de doos en voelt iets. Daarna mogen de kinderen het proberen. Herkennen zij wat ze in hun handen hebben en kunnen ze benoemen hoe het voelt? In de doos zitten gevarieerde materialen waarbij je verschillen kunt voelen als hard en zacht, rond en hoekig, voelt het fijn of niet fijn? 

 

En met onze blote voeten gaan we lopen op een blotevoetenpad in het speelkasteel. Spannend hoor, want loopt het lekker of moeten we heel voorzichtig naast de schelpjes en takjes lopen? De kinderen ervaren hoe verschillende materialen aanvoelen. 

 

Wat proef ik? Aan de ouders willen wij vragen of alle peuters in deze 4 weken, 1 keer een ander fruitje of snoepgroente mee willen nemen ipv het fruitje wat zij meestal meenemen. Zo kunnen ze tijdens het thema af en toe wat anders/ nieuws proeven en leren de kinderen verschillende smaken kennen. 

 

Wat ruik ik? We ruiken verschillende geurtjes, bloemen, potjes en fruitjes, ruikt het lekker of ruikt het vies? Waarmee ruik je?  En waarmee proef je?  

 

 

En als het bijna Pasen is komt de paashaas op bezoek. Hij heeft zijn mandje vol met gekleurde eitjes die hij gaat verstoppen, zodat de peuters deze kunnen gaan zoeken en belangrijker: ook weer vinden.  

 

De liedjes die we zullen zingen bij dit thema uit ons liedjesboek: 

Wat vind jij lekker? 

Smakelijk eten (drinken) 

Appels, peren en banaan 

Dit is een appel en dit is een peer 

Lekker op mijn fiets 

Er zit een klein kaboutertje 

Paasliedjes: Rode stippen op een ei 

‘k Zag twee hazen 

 

Nieuw liedje:  

Wat hoor (zie, proef, voel) ik toch, wat hoor (zie, proef, voel) ik toch? 

Wat is dat voor een dier (ding, fruit)? 

Ra, ra, ra, hoe heet dat dier (ding, fruit)? 

Weet jij wel, wat dit is voor dier (ding, fruit)? 

Ra, ra, ra, hoe heet dat dier (ding, fruit)?  

 

De boeken die we lezen bij dit thema zijn: 

Dans mee met Nijntje van Dick Bruna 

De krekel die niet tsjirpen kon van Eric Carle 

Jules danst en zingt van Annemie Berebrouckx 

Woezel en Pip: Verstoppertje spelen van Guusje Nederhorst 

Dat ruikt lekker van Mary Murphy 

Lekker zoet van Liesbeth Slegers 

Horen, zien, proevenruiken van Kathleen Amant 

 

Wat kunt u thuis doen? 

Tijdens het eten klaarmaken, kunt u uw kind er bij betrekken door te benoemen wat het proeft en ruikt. U vraagt hoe het smaakt of ruikt. Wat vindt hij lekker en wat niet? U proeft zelf ook en vertelt hoe u het vindt smaken / ruiken. 

En u kunt een voelspelletjes spelen, waarbij u een aantal harde en zachte speelgoedjes onder een handdoek legt en u gaat dan samen voelen of het hard of zacht is.